Naar de inhoud
Bèta

Psalmen 113

Dit hoofdstuk hoort bij: Boek V

1Hallelujah! Looft, gij knechten des HEEREN! looft den Naam des HEEREN. 2De Naam des HEEREN zij geprezen, van nu aan tot in der eeuwigheid. 3Van den opgang der zon af tot haar nedergang, zij de Naam des HEEREN geloofd. 4De HEERE is hoog boven alle heidenen, boven de hemelen is Zijn heerlijkheid. 5Wie is gelijk de HEERE, onze God? Die zeer hoog woont. 6Die zeer laag ziet, in den hemel en op de aarde. 7Die den geringe uit het stof opricht, en den nooddruftige uit den drek verhoogt; 8Om te doen zitten bij de prinsen, bij de prinsen Zijns volks. 9Die de onvruchtbare doet wonen met een huisgezin, een blijde moeder van kinderen. Hallelujah!

Versnummers volgen de gekozen vertaling en kunnen in enkele hoofdstukken met één vers verschillen.

Statenvertaling (1637) · World English Bible (2000) · Bronnen en licenties

Leesgemak

Kies wat helpt. Je keuze blijft bewaard op dit toestel.

Tekstgrootte

Gebruik je liever de instellingen van je toestel (zoom, schermlezer, donkere modus)? Die werken hier ook gewoon.