Naar de inhoud
Bèta

Psalmen 128

Dit hoofdstuk hoort bij: Boek V

1Een lied Hammaaloth. Welgelukzalig is een iegelijk, die den HEERE vreest, die in Zijn wegen wandelt. 2Want gij zult eten den arbeid uwer handen; welgelukzalig zult gij zijn, en het zal u welgaan. 3Uw huisvrouw zal wezen als een vruchtbare wijnstok aan de zijden van uw huis; uw kinderen als olijfplanten rondom uw tafel. 4Ziet, alzo zal zekerlijk die man gezegend worden, die den HEERE vreest. 5De HEERE zal u zegenen uit Sion, en gij zult het goede van Jeruzalem aanschouwen al de dagen uws levens; 6En gij zult uw kindskinderen zien. Vrede over Israel!

Versnummers volgen de gekozen vertaling en kunnen in enkele hoofdstukken met één vers verschillen.

Statenvertaling (1637) · World English Bible (2000) · Bronnen en licenties

Leesgemak

Kies wat helpt. Je keuze blijft bewaard op dit toestel.

Tekstgrootte

Gebruik je liever de instellingen van je toestel (zoom, schermlezer, donkere modus)? Die werken hier ook gewoon.