Naar de inhoud
Bèta

Psalmen 67

Dit hoofdstuk hoort bij: Boek II

1Een psalm, een lied, voor den opperzangmeester, op de Neginoth. God zij ons genadig en zegene ons; Hij doe Zijn aanschijn aan ons lichten. Sela. 2Opdat men op de aarde Uw weg kenne, onder alle heidenen Uw heil. 3De volken zullen U, o God! loven; de volken, altemaal, zullen U loven. 4De natien zullen zich verblijden en juichen, omdat Gij de volken zult richten in rechtmatigheid; en de natien op de aarde die zult Gij leiden. Sela. 5De volken zullen U, o God! loven; de volken, altemaal, zullen U loven. 6De aarde geeft haar gewas; God, onze God, zal ons zegenen. 7God zal ons zegenen; en alle einden der aarde zullen Hem vrezen.

Versnummers volgen de gekozen vertaling en kunnen in enkele hoofdstukken met één vers verschillen.

Statenvertaling (1637) · World English Bible (2000) · Bronnen en licenties

Leesgemak

Kies wat helpt. Je keuze blijft bewaard op dit toestel.

Tekstgrootte

Gebruik je liever de instellingen van je toestel (zoom, schermlezer, donkere modus)? Die werken hier ook gewoon.